Op de praatstoel: Henri De JongheEven voorstellen:
15 jaar oud, woont
samen met zijn ouders, zijn 13 jarige broer Guillaume -
ook besmet met het windsurfvirus - Hoe ben je bij het windsurfen terecht gekomen? Tijdens de zomervakantie van 2006 heb ik een try-hard surfkamp gevolgd en heb er mijn 1ste graad behaald. Mijn vaardigheden in de surfsport stelden dan niet zoveel voor, maar toch was ik er zot van. Een jaar later heb ik beslist om mij eigen materiaal aan te schaffen en heb ik dan ook mijn 2de graad afgelegd. De motivatie om te windsurfen kwam van de ene kant omdat ik het zo graag deed maar ook omdat mijn papa het is zijn jongere jaren ook gedaan heeft. Waarom is windsurfen voor jou zo tof? Vroeger heb ik nog gezwommen in competitie, maar ben er dan helaas mee gestopt. Sindsdien heb ik het contact met het water gemist. Windsurfen loste dit probleem helemaal op. Ik vind het zalig de vrijheid die je ervaart op het water. Zon, bewolkt of regen . . . voor mij maakt het echt niet uit, als er wind is weet ik wat mij te doen staat. Op naar het Gavermeer. Windsurfen is grenzeloos, er is altijd wel iets dat je kunt leren of perfectioneren. Een van de mooiste belevenissen die ik had van het surfen was toen ik voor het eerst in mijn voetbanden schoof. Ik surf niet alleen voor de sensatie, maar ook voor de aangename sfeer die in de club hangt. Vooral tijdens de zomermanden vind ik het zeer tof. Ambitie in het surfen? Ik ben 15 jaar en begin pas nu de competitie met Bic Techno. Je mag echt niet veel ouder zijn om met wedstrijd surfen te beginnen. 15 jaar is zelfs al wat laat. Morgan Van Cleven is natuurlijk het ideale voorbeeld voor mij. Wat zij in zo’n korte tijd bereikt heeft is echt een topprestatie. Ik heb nog een lange weg voor de boeg vooraleer ik zal bereiken wat zij nu al toont. De concurrentie is in ieder geval aanwezig. Het is een uitdaging die ik moet aangaan , maar dat allemaal is juist competitie. We zullen wel zien hoe het allemaal in de komende maanden, jaren zal evolueren. In ieder geval zal ik blijven surfen zo lang als het in mijn mogelijkheden ligt. Wat zegt je de club? Ik ben echt blij dat de club er is want zonder club geen surfen en zou ik dus nooit kunnen doen waarmee ik nu bezig ben. De leden bestaan zowel uit ouderen als jongeren, maar beide kunnen zeer goed met elkaar overweg en dat is het mooie eraan. De club doet haar best om heel wat activiteiten te organiseren o.a. uitstap bij het begin van de zomervakantie naar het Veerse meer. Voor nieuwe leden is dit zeker een aanrader. Op die manier heb ik heel wat mensen leren kennen en het is de perfecte manier om zich als “nieuweling” te integreren in de groep. Dank zij de club is mijn vriendenkring verruimd. Ik ben ook de club zeer dankbaar voor de steun die ik krijg. Je beoefent ook nog een andere sport. Windsurfen en veldhockey – hoe rijmt men dat te saam? 5 jaar geleden ben ik gestart met hockey. Veel mensen hebben deze sport leren kennen doordat er een Belgische ploeg aanwezig was op de olympische spelen van Beijing. Het is iets totaal anders dan windsurfen.. Een van de grote verschillen is dat veldhockey een teamsport is . Je staat met z’n elven op het terrein. Het terrein is iets kleiner dan een voetbalveld en is in kunstgras. Zelf speel ik rechtsvoor, ik ben dus een aanvaller. Je hebt een groot loopvermogen nodig maar dat stoort mij niet, integendeel. Zelfs tussentijds wat gaan joggen vind ik heel plezant. Tot nu toe kan ik beide sporten goed combineren. Het hockeyseizoen en het surfseizoen overlappen elkaar zeer weinig. Hockey start begin september en eindigt in mei wat maakt dat ik nadien al mijn vrije tijd aan het surfen kan besteden. Zo blijft ook mijn conditie het hele jaar op peil. Beide sporten doe ik zeer graag, maar als ik ooit de keuze moet maken tussen de twee is die zeer snel gemaakt . . Zonder een seconde te twijfelen kies ik voor windsurfen. Jou toekomst – studie , beroepsrichting, sport … Ik zal mijn uiterste best doen om goed te” scoren” in de surfcompetitie, maar dit is niet het enige dat telt. Goed “scoren” op school is van hoofdbelang. Slechte punten staat gelijk met minder surfen! Enerzijds is dit niet zo leuk maar anderzijds is dit wel een goede motivatie om op school goed te presteren. Ik droom vaak over hetgeen ik later zal doen. Professioneel surfer natuurlijk, maar ja . . . ik denk niet dat ik daar echt op mag rekenen. Wat ik later wel zou willen worden, en het is wat realistischer deze keer, is wellicht iets in de richting van de wetenschappen. Sportdokter zou wel tof zijn. “Wait and see”. Maar intussen veel en hard studeren en …. surfen. |
mei 2010.