Jan Lapere of de geschiedenis van het windsurfen
| Jan Lapere was enkele weken op vakantie bij zijn familie in
Kortrijk. De ideale gelegenheid om de “pionier van het Belgische
windsurfen” op de praatstoel te zetten. Hoe het allemaal begon 1973: Jan’s vader komt thuis met een cadeau: een “Windsurfer®”. Het is onbekend speelgoed en niemand verstaat eigenlijk hoe alles in mekaar steekt. Aan het kanaal Kortrijk- Bossuyt wordt de plank opgetuigd en de Laperes leren “self-made windsurfing”. Bij het zien van dit speelgoed lachten de mensen langs het kanaal zich een bult. De vissers waren kwaad want met de weinige beschikbare informatie hoe dat ding te sturen wordt de vaarrichting gewoonlijk bepaald door de wind. Veel aan lager wal geraakt en bij veel vissers “te biechte” gegaan. Het Gavermeer Tegen eind 1973 of vroeg in 1974 begonnen we te surfen op het Gavermeer. We konden er toen te water aan de landtong. Alles was zand, geen bomen, geen lis. De oevers verbrokkelden en er was drijfzand. Aan de kant waar nu het clubhuis staat was men voor de aanleg van de E3 (nu E17) nog aan het baggeren en daar kwamen we liever niet. Samen met onze eenzame “Windsurfer®” waren er een paar 420 , 470 en fireball - zeilbootjes. Een Hollandse familie sleepte een groot houten jacht naar de Gavers en die mensen verbleven hele weekends op het water. De schuit was onze eerste “keet” met voedsel en drank voor een hele dag “gaveren”. De Gaverbeek liep toen nog in het Gavermeer. Het vervuilde water, dat extra werd gekleurd door lozing van een textielverfbedrijf in de omgeving, zorgde ervoor dat de zeilen allemaal lichtjes rood gekleurd werden. Een nieuw zeil bleef wit tot het 1 keer in het “gaversop” viel. Er waren geen vissen, geen eenden , geen groentjes, geen bomen en geen wandelaars. Behalve de paar surfers en zeilers stelde niemand eigenlijk belang in die ”bagger put”. Tegen het einde van de zomer 1974 waren er al heel wat windsurfers in Belgie, vooral in de streek van Mol en Oostende. De Hollanders waren al een jaar voor en hadden regelmatig kampioenschappen georganiseerd. In oktober 1974 werden de eerste Belgische kampioenschappen gehouden te Mol. Jan nam eraan deel en kreeg de smaak te pakken. Kampioenschappen In 1975 ging Jan geregeld naar Holland: het Veerse meer, de Maarsseveense plassen, het Ijsselmeer. Derek Thys was toen de grote kampioen. In 1975 won Jan voor het eerst het Belgisch kampioenschap windsurfing. 1976 opnieuw Belgisch kampioen en 7de in het wereldkampioenschap in Bandol (Fr). Robbie Naish won daar op dertienjarige leeftijd. Hij woog precies de helft van Jan en vaarde, ongezien in die tijd, de golven af, wat hem liet planeren toen wij nog (onwettig in die tijd) stonden te pompen om vooruit te komen. Jan nam laatst deel aan een “Winsurfer®” kampioenschap in 1977 in Sardinie en werd vierde. Toen begonnen meerdere producenten surfplanken te maken: Osterman maakte “Windgliders”, de Zwitsers maakten “Speedy”, De Fransen “Bic”, de Duitsers “Mistral” enz. Het Gavermeer …. oefenveld Intussen waren de Gavers het speel- en oefenveld geworden voor de Westvlaamse windsurfers en in de grote vakantie konden we lange zomerdagen oefenen en spelen op de Gavers. Ook in de wintermaanden “gaverden” we. De vin werd van de plank geschroefd en we “skaverdijnden” met plank en al. Eens, tijdens het einde van de winter, toen het lis begon te groeien, gleed Alain Termote een keer over het ijs tot in het lis en viel dwars door het ijs in het water. . . Gelukkig overleefde hij het. Het surfen wordt gestructureerd Jan was ook zeiler en zeilmonitor bij de BLOSO in Oostende en in de geul van Nieuwpoort. Toen BLOSO besloot om windsurfkampen te organiseren kreeg Jan de taak om de cursussen 1st en 2de graad op te stellen, later volgde ook een zee cursus. Surfen wordt wereldwijde rage Windsurfen ontplofte als internationale sport en vooral de Amerikanen begonnen de golven en de zee in te trekken. De legendarische foto van de surfer met zijn kort zwaard half uit het water in een “wave” in Hawai was de katalysator voor een nieuwe rage windsurfen op zee met gemodificeerde planken. We begonnen zelf met polyester en polyurethaan te experimenteren. Stefaan Vervisch, Alain Termote, Stefaan Bohn en Jan Lapere gingen naar Spanje met 6 nieuwe selfmade exemplaren op het dak van de auto. Na een paar dagen testen waren er 2 afgescheven en die verbrandden we in een groot kampvuur op het strand. We werden bijna opgesloten door de flikken want dat mocht dus niet om een vuur zo groot als een vuurtoren op het strand van Rosas of Playa de Aro te maken. De fabrikanten experimenteerden met nieuwe planken en deze moesten getest worden. Windglider maakte holle planken en stuurden Jan naar Jamaica om die te testen. Mistral experimenteerde met inklapbare zwaarden. In die tijd haalden we het zwaard uit de kast om ruim te varen. Het water spoot dan door de zwaardkast de hoogte in – soms tot halverwege het zeil-. Nieuwe surfpak materialen werden ook getest en dus mochten we de wereld rondreizen om deze te testen en “action-foto’s” te maken. Hard studeren tijdens het schooljaar en heel de vakantie op kosten van (rijke) fabrikanten van het ene kampioenschap naar het ander reizen was toen de max. Er was een hele “world” van zulke windsurfers, Hollanders, Zweden, Duitsers, Amerikanen. De eerste professional circuits duurden 3 maanden van het jaar. Wereldkampioenschappen In 1977 werden de eerste “open” wereldkampioenschappen gehouden in Jamaica. De vooruitgang had de “oud-Windsurfer®” voorbijgestoken en, behalve het zeil oppervlak, kon alles aangepast worden. Windglider sponsorde Jan met Balsa- holle planken. De Amerikanen en Hawaianen kwamen met korte planken met opgekrulde neuzen en zwaarden die inklapten. Jan werd 9de. Op 3 en 4 september 1978 werd Jan wereldrecordhouder lange afstand windsurfen. Dankzij sponsoring door “49R” jeans (bestaat dit nog?) kon een team gevormd worden bestaande uit Alain Termote, Stefaan Vervisch, Philippe Compernolle, Alexander Vervisch, Christophe Bohn, Christophe Debels en Hilde Vervisch. We verbleven 10 dagen aan de kust te Nieuwpoort vooraleer het weer het toeliet om in 25 uur 170 km ver te surfen. In 1979 kwamen de internationale “profs” voor het eerst naar Belgie in de surfcups. Weerom was Robbie Naisch de koning van de branding en Jan werd tweede. De revanche kwam in Torbole in Italie waar Jan Europees kampioen Mistral is geworden. By by Belgium In 1980 verbleef Jan in Australië voor zijn stage jaar als geneesheer. Bij zijn terugkeer in Europa surfte Jan zijn laatste wedstrijd nl.: het Europees Kampioenschap Mistral op het Ijsselmeer. Hij werd er tweede Daarna verliet Jan België en vertrok naar Zuid Afrika. Hij trouwde met Hilde Vervisch en ze vestigden zich in een huis gelegen aan het strand van de Oostkust, 20 meter vanaf de monding van de Swartkops rivier aan de Indische Oceaan. Elke dag 4 tot 5 Bf en nooit kouder dan 20 graden, een windsurf paradijs waar ook in 1995 de wereldkampioenschappen Mistral gehouden werden. Jan surft nu nog altijd in de branding, samen met zijn drie zonen. Ook het kitten wordt door de zonen beoefend. Toch zegt Jan: niks gaat boven surfen als je zo een 6 voet (1m80) kanjer afglijdt en het water breekt in een perfecte “tube” achter je aan . . . Met veel genoegen denk ik terug aan de periode van het Gavermeer waar ik kon meewerken aan het opstarten van de club. Proficiat met je 30-jarig bestaan . get.: Jan & Hilde Lapere – Vervisch je moe nie huil nie – je moe nie treur nie , die Jan komt stellig wel eens terug . . . . augustus 2007 |