Gelezen op het forum

Vinnen - geplaatst door simon 1991

Zelf ben ik niet echt een vinnenspecialist maar een vin is zo wat het belangrijkste van al .
Hier anders wat leesvoer waarmee je zeker al een stuk verder zult komen.

Wetenschap der vinnen  (door Mike Lovell – North Shore Fins)

De functie van de vin is het geleiden van water langs de onderkant van het board. Deze waterstroom wordt omgezet in een opwaartse druk (lift). Tevens voorkomt de vin het zijwaarts wegglijden van het surfboard. Bij het surfen oefent je zeil een zijwaartse kracht uit op de surfplank. De vin zorgt ervoor dat die zijwaartse druk omgezet wordt in voorwaartse druk (=snelheid). Bij het vindesign is de truc een vin te maken die genoeg lift geeft om het board te laten planeren, zonder dat de vin teveel weerstand geeft en het board afremt. Bij het ontwerpen van een vin moet er nagedacht worden over de volgende elementen:

Profiel en dikte
De basis van de vin, het gedeelte dat het dichtst bij het board ligt, is verantwoordelijk voor het aanplaneren van de vin. Normaal gesproken is dit gedeelte het dikst, waardoor meer lift gecreëerd wordt. Het middelste gedeelte tot de tip van de vin heeft de meeste invloed op de snelheid van de vin. Met is erg belangrijk dat dit gedeelte symmetrisch is, zodat spin-outs kunnen worden voorkomen. Nu is het zo dat je een vin niet ongelimiteerd dikker kan maken om sneller te planeren. Hoe dikker de vin des te meer weerstand het oplevert, het is dus een compromis. Als de vin te dik is, gaat de neus van het board door de grotere liftkrachten rondom de vin omlaag, waardoor het board lastig down-wind te varen is in choppy omstandigheden. De uitkomst is een vin met de juiste dikte voor alle delen.

Hoek van de vin met het board
De hoek van de vin met het board noemen we 'rake'. Over wat nu de juiste hoek is, valt geen echte regel te geven. Over het algemeen zijn wave- en slalomvinnen meer naar achter gebogen (grotere rake) en zijn racevinnen rechter. Tegenwoordig is het echter zo dat bijvoorbeeld de wavevinnen weer rechter beginnen te worden. Mike Lovell van Northshore Fins zegt hierover: "Voor lange turns in de golven is de naar achteren gebogen wavevin met veel rake nog steeds het beste ontwerp. Op het moment is de manier van golfrijden echter aan het veranderen; de profs willen zoveel mogelijk korte snappy turns op een golf maken, ook mede vanwege de jurywaarderingen. Het publiek volgt de professionals hier weer in." Een minder gebogen vin voldoet beter bij deze stijl van golfrijden. Belangrijk om de hoeveelheid rake van de vin te bepalen, zijn de condities waarin gevaren wordt. Bij onshore wind en kleine kabbelgolfjes is een rechtere vin beter. Grotere golven en side-shore condities vragen om een meer gebogen profiel.

Outline van de vin
Mike Lovell: "De outline van de vin, de duidelijk waarneembare buitenste vorm, is vooral esthetisch gezien interessant. Als de andere eigenschappen van de vin goed zijn, is de vin in principe oké. Niet dat elke outline zomaar werkt bij elk type vin, maar de basisoutlines die we nu hebben werken goed en zijn de laatste paar jaar vrijwel niet veranderd. Natuurlijk zie je af en toe een extra ronding hier en een paar millimeter minder daar, maar ingrijpende veranderingen hebben er niet plaatsgevonden.'

Verschillende vintypes
In het algemeen geldt dat hoe kleiner de vin is hoe beter de controle is en des te hoger de eindsnelheid wordt (dit geldt vooral voor race- en slalomvinnen en in mindere mate voor wave-vinnen). Een grotere en langere vin zorgt voor eerder
aanplaneren en beter hoogtelopen van het board en kan een grotere tuig op je board beter hebben. Een meer gebogen vin (wave) werkt beter bij manoeuvres maar is langzamer vanwege de gecurvede outline. Om een iets beter overzicht te krijgen van wat nou precies waarvoor bedoeld is, volgt hier een korte omschrijving per vintype:

  • Racevin
    Als je vroeg wil planeren is een grotere en dikkere vin met een recht profiel de beste keuze. Dit werkt natuurlijk het beste als ook een groter zeil gebruikt wordt. Dit type vin houdt de grotere krachten in evenwicht bij de over het algemeen lichtere windomstandigheden en het board planeert vroeger aan. Het nadeel van dit soort vinnen is dat ze als de wind toeneemt minder goed te controleren zijn, door de enorme hoeveelheid lift die ze creëren. De racevinnen die voor hardere wind gebruikt worden zijn dunner en hebben een kleiner oppervlak, zodat ze beter te controleren zijn.

  • Speedvin
    Voor de echte speedfreaks worden heel dunne en kleine/korte vinnen gemaakt. Over het algemeen kun je zeggen dat hoe groter een vin en hoe meer rare bochten en hoeken hij heeft, des te meer wrijving er optreedt. Deze wrijving zorgt ervoor dat je board langzamer gaat. Speedvinnen zijn dan ook ontworpen met het doel zo min mogelijk wrijving te veroorzaken en toch het board bestuurbaar te houden. Ze zijn bedoeld voor ruime windkoersen waar de zijwaartse druk het laagst is. Deze
    vinnen zijn erg specialistisch en niet echt geschikt voor iets anders dan ‘blasting’. Vaak is het beter voor een compromis te kiezen. De 'planeervin' wordt gecombineerd met deze speedvin en daaruit is zo'n beetje de race/slalomvin van nu ontstaan.
     

  • Wavevin
    Als je meer voor manoeuvres gaat en korte en snelle turns wilt maken is een meer gebogen vin de uitkomst. Een gebogen vin staat plotselinge richtingveranderingen toe zonder dat je meteen in de spin-out gaat. Nadeel van dit type vin is dat de aan-de-wind-eigenschappen minder goed zijn. Ook de snelheid is minder. Hiervoor zijn ze dan ook niet bedoeld.

  • Freeride-vin
    De freeride-vin is een combinatie van de eigenschappen van de andere meer specialistische vinnen. Waar een race/slalom vin vooral hard maar moeilijker door de bocht gaat en een wave-vin op een duppie draait maar minder snel in plané is, biedt de freeride-vin een compromis. De goede vaareigenschappen van de andere vinnen zijn in deze vin verenigd en deze combinatie maakt de freeride-vin een ideale vin om gewoon mee te funnen; een allround vin geschikt voor meerdere stijlen dus.
    Een speciaal soort freeride-vin is de weed-fin. Deze is erg naar achter gebogen (veel rake) zodat je op plaatsen met veel wier in het water niet om de tien seconden hoeft te stoppen maar gewoon door kunt blijven varen; het wier glijdt er namelijk gewoon vanaf!

  • Freestyle-vin
    Vinnen die nu in opkomst zijn, zijn de freestyle-vinnen. Over het algemeen zijn ze kort, maar hebben ze toch een groot oppervlakte. Vaak ook hebben ze een wijde
    tip. Op deze manier planeren ze toch redelijk snel aan, maar liggen ze wat losser op het water. De allernieuwste freestyle-vinnen hebben een symmetrische outline, waardoor ze ook goed werken in tail-first manoeuvres zoals de vulcan en de spock.

Hoe wordt een vin gemaakt?
Er zijn twee methodes voor het maken van vinnen: shapen met de hand of computer, en de vin uit de mal. Waar vroeger de vinnen nog vaak met de hand geshaped werden, wordt dat nu meestal met de computer gedaan. Met behulp van een CNC-machine (computer numerical controlled) worden de vinnen gefreesd uit de verschillende lagen van het materiaal waaruit de vin bestaat. Het grote voordeel van deze techniek is dat het mogelijk is telkens dezelfde vin te produceren en
zaken als het profiel en de dikte van de vin nauwkeurig kunnen worden vastgelegd.

Bij het produceren van vinnen uit een mal worden verschillende dunne laagjes van materialen als glasfiber en kevlar in de mal gelegd en daarna onder druk verhit. Meestal zit de harder al in de materialen; ze zijn voor geïmpregneerd, meestal met epoxy of polyester. Deze harder zorgt voor stevigheid en houdt de verschillende laagjes goed bij elkaar. Een voordeel van deze methode is dat de lay-up precies bepaald kan worden; zo kan de ontwerper precies bepalen waar de vin stijf dan wel flexibel moet zijn.

De materialen
Voor race- en slalomvinnen wordt het meest gebruik gemaakt van G-10. Dit bestaat uit tien lagen van 'met epoxy voor geïmpregneerd glasfiber' die met enorme kracht samengeperst en verhit worden (er zijn ook vinnen van G-11 glasfiber, met elf lagen). Dit levert een enorm sterke en stijve vin op, perfect voor de krachten die erop werken bij race- en slalomomstandigheden. De stijfheid van dit materiaal maakt het mogelijk een dunnere vin te maken (=minder weerstand) die dezelfde krachten kan weerstaan. Een nadeel van deze methode is dat het een stuk duurder is dan bijvoorbeeld de methode die voor wave-en freestyle-vinnen wordt gebruikt.

Een verbetering (en dat maakt het ook duurder) van de G-10 vinnen is de Carbon G-10 bouwwijze. Dit is het G-10 systeem gecombineerd met aan beide kanten een carbon sandwichlaag. Sterker en stijver dan de G-10, maar vooral duurder.
Voor freestyle- en wavevinnen kunnen veel verschillende materialen worden gebruikt. Wave-vinnen moeten natuurlijk tegen een stootje kunnen en vragen om een combinatie van flexibiliteit en stijfheid.

Mike Lovell gebruikt voor de wave-vinnen van Northshore Fins polyester en glasfiber, maar combinaties van glasfiber, kevlar (erg stootvast) en carbon komen ook voor. Door de verschillende materialen goed te combineren in de lay-up kunnen de buigeigenschappen van de vin nauwkeurig bepaald worden.

Verschillende vinbox systemen
Op het moment zijn er zo'n vier systemen in gebruik om de vin vast te maken aan het board. Waar vroeger een paar schroeven het plastic vinnetje nog van de onderkant vastmaakten aan het board is dat tegenwoordig wat vernuftiger gedaan.
Voor waveboards wordt nog steeds een systeem gebruikt dat wel wat wegheeft van dat oude systeem: de US-box. De vin zit met schroef en blokje vast in een rail, waardoor het mogelijk is de vin te verplaatsen in de rail. Begin jaren '90 werd de powerbox ingevoerd. Bij dit systeem is de vin vastgemaakt met een schroef die van boven door de plank bevestigd is. De vin zit steviger in de box dan bij de US-box maar er is maar één positie mogelijk.
Een variatie op dit systeem is de trimbox, waar de vin ook van boven vastzit, maar er meerdere vinposities mogelijk zijn. De enorme monstervinnen die tegenwoordig onder de boards geschroefd worden, vragen om een systeem dat de grotere krachten beter aankan: de tuttlebox. Dit systeem is te vergelijken met de powerbox, alleen zit de vin nu niet met één maar met twee schroeven vast in de vinbox.

  • US Box:
    Voordeel: de afstelmogelijkheden
    Nadeel: er kan niet zoveel druk op de vin uitgevoerd worden.

  • Powerbox:
    Gaat met een schroef door het deck heen, hier kan best wel wat druk op uitgeoefend worden.

  • Trimbox:
    Combinatie van de US Box, qua verstelbereik en de stevigheid van de Powerbox door de schroef door het dek heen.

  • Tuttle box:
    Twee schroeven door het dek heen: steviger voor grotere vinnen met meer druk.

  • Deep Tuttle box:
    Een grotere base die in het board wordt geplaatst in combinatie met de twee schroeven, wordt dit vooral voor hele grote vinnen gebruikt (50 - 90cm)

  • Conic Box:
    Gebruikt door Tiga, en hier zou je evt. een adapter over heen kunnen plaatsen voor gebruik in andere types boxen.

  • F2 Deep Tuttle box:
    nog dieper dan de "normale" deep tuttle box.

Vinpositie
Over het algemeen kan gezegd worden dat een naar voor geplaatste vin controle oplevert en het naar achter plaatsen van de vin snelheid oplevert. Natuurlijk zijn niet alle problemen bij het varen eenvoudig op te lossen door de
vinpositie te veranderen. Dingen als de positie van de mastvoet en voetbanden spelen mee en de combinatie van deze details kan ervoor zorgen dat het ene board sneller is dan het andere. Het is niet voor niks dat mensen als Kevin Pritchard met zijn 'Team' uren op het water is om alleen maar de ideale vinpositie te bepalen!

Het spreekt bijna voor zich dat een vin maar tot op zekere hoogte de eigenschappen van een surfboard kan veranderen. Een slalomboard uitgerust met de meest radicale wavevin zal misschien iets wendbaarder zijn, maar zal nog steeds niet kunnen concurreren met een echt waveboard. Het belangrijkste is dat je lekker surft, en de juiste vin kan daar zeker bij helpen. Probeer verschillende vinnen uit en maak dan je keuze en bedenk: je surfsetje is zo goed als het slechtste onderdeel!

Trimtips vinnen
Board loopt niet goed hoogte: groter
Board planeert slecht aan: groter
Board gaat niet snel: kleiner
Board heeft de neiging op te loeven: kleiner
Board heeft de neiging af te vallen: groter
Board heeft veel spin-outs: kleiner bij overpowered varen;
groter bij lichte wind
Board heeft neiging 'op te stijgen'/ is onrustig: kleiner
Board ligt te 'laag' op het water: groter
Board heeft geen controle tijdens het gijpen: kleiner
Teveel druk op de voorste voet: groter
Teveel druk op de achterste voet: kleiner

Wat is spin-out?
Spin-out is het wegglijden van de achterkant van het board. Dit wordt veroorzaakt door een plotselinge verandering van de waterstroom langs de vin, waardoor een luchtbel kan ontstaan.
Zo kan het gebeuren dat als je neerkomt van een sprong of gewoon erg veel druk op de vin uitoefent, je board in spin-out schiet.

Remedie als ‘t zover is: afhankelijk van board en vin. Ofwel een stevige duw tegen de achterkant, ofwel net andersom: stevig bijtrekken achteraan. Soms helpt het allemaal niet en moet je gewoon vaart minderen tot het board normaal loopt.

Have Fun

top

beachstart - door tom

Begin dat te oefenen in ondiep water, maar waar je voldoende wind krijgt. Aan het eilandje op de Gavers is er een goede startplaats. Als de wind goed zit heb je ook een goede startplaats naast de zwemzone.

Begin met je plank ruime wind te leggen en neem je zeil vast zoals je het zou houden om te varen. Dan plaats je je achterste voet op de plank. Je kan je plank wat bijsturen met je zeil (oploeven/afvallen). Houd die ruime koers aan.

Als je voldoende wind voelt, vier dan je zeil even en haal het kort aan. Tijdens het aanhalen duw je je af van de grond met je voet die nog in het water staat. Die plaats je nu voldoende naar voor (afhankelijk van hoeveel wind er is). Geef desnoods wat voetendruk zodat je plank ruim blijft varen. Eens vertrokken kan je bijsturen.

Maar in plaats van hier veel tekst te typen weet ik nog iets veel beter: oefenen, oefenen en oefenen. Kom volgend seizoen zoveel mogelijk naar de zondagstrainingen en het zal je wel lukken 

top

waterstart - door Mr search

Eerst en vooral zorgen dat je de beachstart goed beheerst, dan steeds dieper gaan zodat je beachstart eigenlijk evolueert naar een waterstart. Probeer jezelf ook zo weinig mogelijk door eigen kracht op je plank trekken maar gebruik de wind. En vooral veel oefenen.

In het begin is het makkelijk om je giek op de tail van je plank te leggen en er zo de wind er laten onder komen door je setje van de wind weg of naar de wind toe te laten draaien. wanneer je voelt dat er druk in je zeil zit neem je de giek vast met twee handen laat je het zeil zo wat "zweven" in je handen, dan leg je je achterste voet op de tail van je plank en je valt af. Zo zal je dan op je plank getrokken worden.

tip: wanneer je je achterste voet op je plank legt zorg dan dat je plank niet naar de wind toe draait want dan zul je zeker al je druk uit je zeil verliezen.

tip van Tom: Eerst en vooral moet er voldoende wind staan natuurlijk. Anders heeft het geen zin. Zorg er ook voor dat je goed ruime wind ligt. En, hoe saai het misschien ook klinkt, om het te leren is een reddingsvest echt wel handig. Dan moet je minder watertrappelen

tip van mtxsurfer: mss nog een belangrijke opmerking: bij veel mensen is de plank te kort om hun giek op de achterkant te leggen. De oplossing is dan je voetband vastnemen met je hand dichtst bij plank en je zeil over je arm trekken, zo komt je zeil ook volledig uit het water.