Reglementering voor het windsurfen op zee
Nog vòòr de zomer van 1999 verscheen in het Belgisch Staatsblad een nieuwe, aangepaste reglementering in verband met het windsurfen op zee. De oude huidige reglementering hield geen rekening met het specifieke karakter van het windsurfen en maakte dat windsurfers die hun sport op zee wensten te beoefenen noodgedwongen de wet moesten overtreden. De nieuwe reglementering op het windsurfen is het resultaat van gezamenlijke inspanningen van de Landelijke Windsurffederatie (LWF), de SCS en van federaal volksvertegenwoordiger Johan Vande Lanotte en de Vlaams volksvertegenwoordigers Jacky Maes en André Van Nieuwkerke.
Het windsurfen op zee leed onder een reglementering die volledig in strijd was met de eigenheid van deze populaire sport. Zo bepaalde het K.B. van 4 augustus 1981 dat surfers geen zee mochten kiezen bij een windkracht van meer dan 4 Beaufort. "Windsurfen is evenwel een planeer wat betekent dat hiervoor een voldoende windsterkte - minimum 4 Beaufort - noodzakelijk is. Windsurfen op zee bij zwakke wind wordt zelfs, omwille van de sterke stroming, onveilig geacht", aldus Johan Kindt, afgevaardigde van de Landelijke Windsurffederatie. Hetzelfde K.B. verbood de surfers bovendien om zich buiten de 200-meterzone te begeven. "Op een strook van 200 meter is het echter onmogelijk om efficiënt op te kruisen met een surfplank, zeker als de stroming nog eens tegenwerkt. Helemaal archaïsch en zelfs ronduit gevaarlijk was de verplichting om bij het surfen een reddingsvest te dragen. Het belangrijkste onderdeel van de uitrusting van de surfer is immers zijn isothermisch pak. De Landelijke Windsurffederatie is de mening toegedaan dat het dragen van een isothermisch pak, zelfs op de warmste zomerdagen, een verplichting moet zijn die bij inbreuk streng moet gesanctioneerd worden. "Onderkoeling vormt immers het grootste gevaar bij het surfen op zee en overmoedige en onervaren surfers moeten tegen zichzelf beschermd worden", zo meent de LWF.
Nieuwe reglementering maakt windsurfen op zee wettelijk én veiliger
Door de Landelijke Windsurffederatie, SCS en de volksvertegenwoordigers Johan Vande Lanotte, Jacky Maes en André Van Nieuwkerke werd een voorstel van nieuwe reglementering uitgewerkt. Dit voorstel werd door de kustparlementairen besproken op het kabinet van minister van vervoer Daerden. Dit resulteerde in een wijziging van het K.B. waarvan de tekst nog vòòr de zomer van 1999 in het staatsblad verscheen. Hierdoor kan worden gesurft op zee tot een windkracht van 8 Beaufort (in 2001 gewijzigd tot 7 Beaufort!!!) en wordt de zone waarin kan worden gesurft uitgebreid tot een halve zeemijl of nagenoeg 950 meter vanaf de laagwaterlijn. Daarenboven worden surfers, zoals gevraagd door de LWF, verplicht om i.p.v. een reddingsvest een isothermisch pak te dragen en om telkens 2 waterdichte vuurpijlen bij zich te hebben. "Deze nieuwe reglementering houdt rekening met de eigenheid van het surfen op zee en maakt deze sport hierdoor een stuk veiliger", aldus de drie kustparlementairen.
de volledige tekst zoals gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 20 juni 2001:
ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 24 november 1975 houdende goedkeuring en uitvoering van het Verdrag inzake de internationale bepalingen ter voorkoming van aanvaringen op zee, 1972, bijgevoegd reglement en zijn bijlagen, opgemaakt te Londen op 20 oktober 1972, inzonderheid op artikel 2, § 4;
Gelet op het koninklijk besluit van 4 augustus 1981 houdende politie- en scheepvaartreglement voor de Belgische territoriale zee, de havens en de stranden van de Belgische kust, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 4 juni 1987, 9 februari 1996, 9 december 1998, 3 mei 1999, 4 mei 1999 en 4 juni 1999;
Gelet op de omstandigheid tot de gewestregeringen bij het ontwerpen van dit besluit betrokken zijn;
Gelet op het verzoek om spoedbehandeling, gemotiveerd door de omstandigheid dat uit de praktijk is gebleken dat de veiligheid van windsurfers op zee bij kracht 8 op de schaal van Beaufort niet kan worden gegarandeerd; dat het bijgevolg noodzakelijk is het windsurfen te verbieden vanaf kracht 7 op de schaal van Beaufort en dat dit onmiddellijk dient te gebeuren gelet op het nieuwe toeristische seizoen mede gelet op de vraag van de burgemeesters van de kustgemeenten, en de plaatselijke reddingsdiensten;
Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 7 mei 2001 met toepassing van artikel 84, eerste lid, 2°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;
Op de voordracht van Onze Minister van Mobiliteit en Vervoer,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij :
Artikel 1. In artikel 37bis, in het koninklijk besluit van 4 augustus 1981 houdende politie- en scheepvaartreglement voor de Belgische territoriale zee, de havens en de stranden van de Belgische kust ingevoegd bij het koninkijk besluit van 4 mei 1999, worden de woorden « bij windkracht 8 of meer » vervangen door de woorden « bij windkracht 7 of meer ».
Art. 2. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 3. Onze Minister van Mobiliteit en Vervoer is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Ponza, 31 mei 2001.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Mobiliteit en Vervoer,
Mevr. I. DURANT
Nog
vòòr de zomer van 1999 verscheen in het Belgisch Staatsblad een nieuwe,
aangepaste reglementering in verband met het windsurfen op zee. De
oude huidige reglementering hield geen rekening met het specifieke
karakter van het windsurfen en maakte dat windsurfers die hun sport op zee
wensten te beoefenen noodgedwongen de wet moesten overtreden. De
nieuwe reglementering op het windsurfen is het resultaat van gezamenlijke
inspanningen van de Landelijke Windsurffederatie (LWF), de SCS en van
federaal volksvertegenwoordiger Johan Vande Lanotte en de Vlaams
volksvertegenwoordigers Jacky Maes en André Van Nieuwkerke.